In een feodale maatschaappij is de economie gebaseerd op de landbouw. Het overgrote deel van de bevolking
leeft afgezonderd op het platteland, waar men de gehele dag hard aan het werk is. De macht in een dergelijke samenleving is vaak in handen van
een kleine groep, de landheren, waarbij de boeren in dienst zijn. De boeren wonen en werken in een bepaalde streek die eigendom is van de Landheer.
In ruil voor de arbeid kregen de boeren onderdak, een klein deel van de opbrengst en bescherming. In een feodale maatschappij neemt men dus passief
deel aan het maatschappelijk leven, wat de maatschappelijke ontwikkeling niet bepaald stimuleert.

