Hans Ruedi Giger werd op 5 februari 1940 in het plaatsje Chur in Zwitserland geboren. Chur is een plaats in het oosten van Zwitserland in het kanton Graubunden.
Hier heeft Giger zijn jeugd doorgebracht. Eerst heeft hij de kleuterschool doorlopen en vervolgens ging hij naar de basisschool. Deze basisschool
was een zogenoemde modelschool. De school heette zo omdat het onderwijs werd gegeven door nog in opleiding zijnde onderwijzers. Giger heeft erg veel plezier gehad
op deze school, waar hij zes jaar van zijn leven heeft doorgebracht. Dit kwam mede door het feit dat hij gedurende deze zes jaar geen één keer
huiswerk heeft moeten maken. Tevens werd elke nieuwe leraar tot het uiterste gedreven, wat niet bevorderlijk was voor de kwaliteit van het onderwijs.
Dit heeft later op het gymnasium dan ook voor de nodige problemen gezorgd. Tot en met de vijfde klas van het gymnasium ging het erg goed. Giger kreeg
een speciale band met de hoofdmeester die hem leerde modelleren, tekenen, decorstukken maken enzovoort. Giger had zelfs zijn gehele modelspoorbaan
op school neergezet, zodat tijdens de pauzes zowel de leerlingen als de leraren enthousiast aan het spel deelnamen. Regelmatig kwam het dan ook
voor dat de pauzes uitliepen.
In de zesde klas van het gymnasium ging het echter mis. Giger bleef zitten. Zitten blijven was iets wat het gezin zich in Chur niet kon permitteren,
dus verhuisde het gezin naar Lausanne.
In Lausanne kreeg Giger zijn eerste engelse en italiaanse lessen. De engelse lessen zijn het enige wat Giger van alle
lessen die hij heeft gehad, niet zou willen missen. Het engels bleek erg goed voor zijn verdere carriere.
De vader van Giger, waar hij ook naar vernoemd is, is een zeer intelligente, autoritaire, maar lieve
man.
Hij was arts en apotheker en had zijn eigen apotheek aan huis. Giger heeft zijn vader nooit echt goed leren kennen. Zijn vader was erg gesloten,
maar ook erg eerlijk. Hij hielp iedereen die in moeilijkheden was en was als arts en apotheker en als voorzitter van de apothekersvereninging en
de bergreddingsploeg een respectabel persoon. Giger hielp zijn vader vaak met klusjes in de apotheek, zoals het bezorgen van bestellingen.
Zijn vader heeft altijd als uitgangspunt gehad, dat een kind van intelligente ouders zelden zelf ook intelligent is.
Hij was dan ook al lang blij dat zijn zoon een talent voor tekenen had en heeft dit altijd geaccepteerd en gestimuleerd.
Omdat Giger op school enkel slechte cijfers behaalde, besloot zijn vader hem naar een architect in Bunder te sturen.
Op deze wijze zou Giger in elk geval een goede beroepsopleiding krijgen, waar hij in moeilijke tijden op terug kon vallen. Giger werd bouwtekenaar.
Giger wilde zelf liever kunstenaar worden, maar dat werd door zijn vader niet geaccepteerd. Het woord kuntenaar werd in Chur gebruikt als scheldwoord,
dat zowel zuiplap, hoerenloper, luilak als debiliteit betekent.
De moeder van Giger deelde zijn vaders mening, echter met één uitzondering. Zij vond het ook
erg belangrijk dat Giger zich gelukkig voelde.
In 1959 werden Giger zijn eerste publikaties uitgegeven. De undergroundbladen als 'Clou', 'Hotcha' of de schoolkrant van de kantonschool in Chur drukten
"de Atoomkinderen af, die Giger op kalendervelletjes had getekend.
Dit leverde welliswaar geen geld op, maar betekende toch een zekere genoegdoening voor Giger. Hij stond dan wel als binnenhuisarchitect in het telefoonboek;
zijn leven nam echter een geheel andere wending aan.
In 1966 leerde Giger Li Tobler kennen tijdens haar toneelstudie aan de theaterstudio
van K. Rellstab in Zurich. Li was een erg mooie vrouw en was tot aan haar dood in 1975 de levensgezellin van Giger. Li heeft tijdens deze periode
regelmatig model gestaan voor Giger. Hier is een serie schilderijen van Li uit voortgekomen.
In dezelfde periode maakte Giger ook zijn schilderijen baarmachine, ondergronds
en astroneuchen.
In 1969 drukt H.H. Kunz, een goede vriend van Giger, een aantal van zijn werken op posters en verspreid ze vervolgens wereldwijd. Het resultaat
is dat Jorg Stummer twee zeefdrukken in zijn catalogus opneemt waardoor Bruno Bischofberger de grote zeefdrukportofolio
Biomechanoiden
uitgeeft. Vanaf dat moment gaat het allemaal erg snel met de carriere van Giger. In 1971 werd de eerste catalogus van zijn werk uitgegeven.
In 1972 werd door de Kasseler Kunstverein een overzichtsexpositie gehouden van het tot dan toe verschenen werk van Giger, met onder andere zijn
Passages en zijn landschappen.
In 1973 overlijd een van Gigers beste vrienden, Friedrich Kuhn. Friedrich Kuhn is een van de grootste Zwitserse kunstenaars. Kuhn en Giger waren
verbonden door grote
vriendschap en wederzijdse bewondering. Uit een fotoserie die Giger vlak voor de dood van zijn vriend had gemaakt en die de magier
op zijn lievelingssofa laat zien, ontstaat na bewerking met de verfspuit het schilderij
Hommage à Friedrich.
In 1974 opende Li haar eigen galerie omdat het toneelspelen haar ging vervelen. In deze galerie hield zij onder andere exposities van het werk van haar man Giger.
In 1975 werd Li weer overvallen door een hevige lethargie en pleegt zelmoord met een revolver. Door haar zelfmoord, wat een einde aan hun negen jaar durende
verhouding maakte, ontstond er een geweldige leegte in het leven van Giger.
Gedurende deze periode heeft Giger vele andere kunstenaars ontmoet. Een erg belangrijke ontmoeting was die met de kunstenaar Dali.
Dali bekeek de kunstwerken van Giger vanuit een andere invalshoek dan Giger gewend was. Daardoor realiseerde Giger zich dat ook hij
surrealistische kunstwerken maakte. Dit is van grote invloed geweest op zijn eigen
benadering van zijn werken.
De vele ontmoetingen met andere kunstenaars zijn ook op een andere wijze van invloed geweest op het leven van
Giger. Voorheen had Giger zich enkel op het maken van schilderijen geconsentreerd. Door de vele ontmoetingen met anderen werd zijn aandacht nu ook op andere
vormen van kunst gericht, zoals bijvoorbeeld beelden, decors, enzovoort. Dit veroorzaakte een grote omslag in het leven van Giger.
Omdat Giger met zijn surrealistische benadering de meest bijzondere en aparte decors en figuren voortbracht, werd hij in 1977, tijdens zijn eerste reis
naar Amerika, gevraagd om het monster voor de sciencefiction-horrorfilm 'Alien'
te ontwerpen. In 1978 heeft Dan OBannon een financieel sterke
producent gevonden en het filmproject Alien kan van start.
Aan de enigszins sombere periode van Gigers leven halverwege de jaren 70 lijkt een eind te komen. Des te meer omdat hij in 1976 gevraagd wordt
om mee te werken aan de film 'Dune' en in 1978 werd zijn
Necronomicon in verschillende talen is uitgegeven.
Tevens leerde Giger in hetzelfde jaar Mia Bonzanigo kennen, de tweede grote liefde in zijn leven.
In 1979 financiert de filmproducent een Alien-portfolio met zes zeefdrukken, gesigneerd en genummerd voor de sponsors van de film. Giger wordt samen
met Mia als troubleshooter naar de Europese première in Nice gestuurd, daarna naar Londen, vervolgens Parijs en weken later terug naar New York
en tenslotte Hollywood. Na deze vermoeiende reis trouwden Giger en Mia. Mia heeft net als Gigers eerste vrouw Li erg vaak model gestaan,
zoals bijvoorbeeld voor Erotomechanics.
Een jaar later krijgt Giger een Oscar voor best Achievement for Visual Effects
voor zijn bijdrage aan de film Alien.
Tijdens deze oskaruitreiking ontmoete hij Debbie Harry, die bekend was als de zangeres Blondie.
Blondie vroeg Giger een ontwerp te maken voor de hoes van haar nieuwe plaat.
Hierna volgden meerdere popartiesten haar voorbeeld. In dezelfde tijd, rond 1980,
publiceerde het magazine 'de Penthouse' de erotische schilderijen
van Giger, die wererom met veel enthousiastme werden ontvangen.
Tijdens de opnamen van de film 'Alien' had Giger Mia ontmoet. Hun huwelijk heeft echter niet lang geduurd. Na anderhalf jaar zijn ze gescheiden. Ze bleven echter
erg goede vrienden.
In
de loop van deze periode had Giger meerdere malen een bezoek aan New York gebracht. In 1981 kreeg Giger hierdoor het idee voor
de N.Y.-City schilderijen.
In 1985 werd Giger gevraagd om in opdracht van MGM onder de regie van Brian Gibson een aantal horrorsscènes voor
Poltergeist II te ontwerpen. Vlak na het begin van de opnames kwam Giger er
achter dat hij aan de verkeerde film meewerkte. Hij was erg ontevreden over de wijze waarop zijn ideeen in de film werden verwerkt. Het verhaal
van de film beviel hem niet en hij was bang voor de kwaliteit van het voltooide produkt. Niemand had hem verteld over de tegelijkertijd van
start gaande film Alien II, waar hij veel liever aan mee had willen werken. De film Poltergeist werd in Amerika een groot succes, maar was in Europa
vrij snel van het doek verdwenen.
Inmiddels begon men over de gehele wereld meer en meer belangstelling voor zijn werk te krijgen. Over de hele wereld werden grote tentoonstellingen van zijn
werken gehouden.
Met name in
Japan was hij erg geliefd en hij werd dan ook gevraagd het decor voor een japanse film te ontwerpen,
wat Giger ook gedaan heeft. Verder werden in 1988 de Japanse vertalingen van de boeken Necronomicon I en II en Alien uitgegeven. Men wilde posters gaan
drukken en in Tokio een Giger-bar opzetten.
1990 is het jaar waarin Giger zijn vijftigste verjaardag vierde. Het was voor hem een erg belangrijk jaar. Hij kreeg vele opdrachten, waaronder ook
het ontwerpen van het décor van Alien III. Tevens werden er vele tentoonstellingen gehouden die veel voorbereiding en planning
vereisten.
Giger zijn Biomechanoid wordt gebruik als hoofdrolspeler in The Mystery of San Gottardo. Bij deze filmproduktie werd een boek gemaakt wat een
mengeling is van strip en geillustreerde roman, werderom weer met de biomechanoid in de hoofdrol.
In 1997 was Giger 57 jaar oud en voor de mensen die hem kennen is hij een levende legende. Giger wist zijn
angsten en
interessen zeer nauwkeurig weer te geven. Achter zijn kunstwerken zijn dan ook vele interessante ideeen terug te vinden.

